maandag 30 januari 2017

Mag het iets meer?

Met het opiniestuk ‘Zou de privé meer werken voor hetzelfde loonbriefje’ van de hand van Barbara Moens begon spontaan de sketch van Philippe Geubels over turnleerkrachten in mijn hoofd af te spelen. De aanleiding voor het stuk van mevrouw Moens was het voorstel van Minister Crevits om de werkweek van leerkrachten naar 22 uur lesgeven op te trekken. Het was alsof Calimero himself in zijn pen gekropen was.



Het stuk van mevrouw Moens is gewoon hemeltergend, alsof het onderwijs de enigste plek in het arbeidsmarktuniversum is waar een organisatie van haar medewerkers meer vraagt dan strikt op papier staat. Wie in de privé weet zijn week effectief tot het uurrooster van 38 uur te beperken? Ik begrijp dat er een extra engagement nodig is om de jaarlijkse reis naar Parijs te organiseren (dagen waarvoor er dan weer geen lesvoorbereidingen en te verbeteren toetsen zijn). Die leerkracht gaat dan toch uiteindelijk op kosten van de school naar Parijs?

Een leerkracht met een voltijds uurrooster van 21 lesuur geeft 17u en 30 minuten les. Als een leerkracht dan voor elk uur dat hij of zij lesgeeft een uur voorbereiding heeft, dan nog is er maar 35 uur gepresteerd. En die lessen voorbereiden, laten we eerlijk zijn… toen ik in het 6e middelbaar zat was er 1 leerkracht aardrijkskunde voor alle klassen en het precambrium was voor alle klassen hetzelfde.

Okay er zijn leerkrachten die niet dadelijk vast benoemd zijn en die dus een meer heterogene mix van klassen, vaak in verschillende scholen, voor te bereiden hebben. Dit zijn dan wel niet de ter illustratie aangehaalde, geëngageerde leerkrachten die allerlei schoolreizen mee voorbereiden. Die laatste zijn de leerkrachten met een zekere routine in een school, die al meerdere schoolreizen hebben meegemaakt en die vast benoemd zijn. Ten andere, in de privé, wie is daar zeker om heel zijn carrière bij dezelfde werkgever te kunnen blijven? Hoeveel werknemers moeten in de privé hun loopbaan niet starten met een opeenvolging van opdrachten als uitzendkracht of tijdelijke overeenkomsten?

Stel nu dat leerkrachten toch meer dan 35uur per week zouden werken (wat quasi nergens in de privé een voltijds uurrooster zou zijn), dan nog zou men een soort smoothing techniek moeten hanteren om het verlof dat men in het onderwijs meer heeft in te calculeren. Ik tel; 1 week herfstvakantie, 2 weken kerstvakantie, 1 week krokus en 2 maanden zomervakantie. Ik kom toch al gauw aan een 60-tal dagen verlof. Daar komen ze in de bank niet eens aan en zoals je weet worden ze daar per duizend de deur gewezen.

De klassieke repliek van een leerkracht waarmee op een sociale bijeenkomst de draak wordt gestoken over verlof, is dat men in de privé dan wel veel beter zijn boterham verdient, wat wellicht zo is. Maar ik zou weleens een studie willen zien waarin de netto koopkracht per gewerkt uur van een leerkracht afgezet wordt tegenover iemand van de privé. Een leerkracht met een Master en 10 jaar anciënniteit verdient een slordige 3.724,07 EUR. Akkoord, een leerkracht heeft geen maaltijdcheques, bonussen of bedrijfswagen maar een hongerloon kan dit toch bezwaarlijk genoemd worden.


Tenslotte heeft Vlaanderen 10,9 miljard (of 28,5%) van zijn begroting in 2015 aan onderwijs en vorming gealloceerd. In een land waar de druk op de begroting groot is, is mijn vraag aan de leerkrachten; mag het iets meer zijn?

Geen opmerkingen :

Een reactie posten