Met het
opiniestuk ‘Zou de privé meer werken voor hetzelfde loonbriefje’ van de hand
van Barbara Moens begon spontaan de sketch van Philippe Geubels over
turnleerkrachten in mijn hoofd af te spelen. De aanleiding voor het stuk van
mevrouw Moens was het voorstel van Minister Crevits om de werkweek van
leerkrachten naar 22 uur lesgeven op te trekken. Het was alsof Calimero himself
in zijn pen gekropen was.
Het stuk van
mevrouw Moens is gewoon hemeltergend, alsof het onderwijs de enigste plek in
het arbeidsmarktuniversum is waar een organisatie van haar medewerkers meer vraagt
dan strikt op papier staat. Wie in de privé weet zijn week effectief tot het
uurrooster van 38 uur te beperken? Ik begrijp dat er een extra engagement nodig
is om de jaarlijkse reis naar Parijs te organiseren (dagen waarvoor er dan weer
geen lesvoorbereidingen en te verbeteren toetsen zijn). Die leerkracht gaat dan
toch uiteindelijk op kosten van de school naar Parijs?
Een leerkracht
met een voltijds uurrooster van 21 lesuur geeft 17u en 30 minuten les. Als een
leerkracht dan voor elk uur dat hij of zij lesgeeft een uur voorbereiding heeft,
dan nog is er maar 35 uur gepresteerd. En die lessen voorbereiden, laten we
eerlijk zijn… toen ik in het 6e middelbaar zat was er 1 leerkracht aardrijkskunde
voor alle klassen en het precambrium was voor alle klassen hetzelfde.
Okay er zijn
leerkrachten die niet dadelijk vast benoemd zijn en die dus een meer heterogene
mix van klassen, vaak in verschillende scholen, voor te bereiden hebben. Dit
zijn dan wel niet de ter illustratie aangehaalde, geëngageerde leerkrachten die
allerlei schoolreizen mee voorbereiden. Die laatste zijn de leerkrachten met
een zekere routine in een school, die al meerdere schoolreizen hebben
meegemaakt en die vast benoemd zijn. Ten andere, in de privé, wie is daar zeker
om heel zijn carrière bij dezelfde werkgever te kunnen blijven? Hoeveel
werknemers moeten in de privé hun loopbaan niet starten met een opeenvolging
van opdrachten als uitzendkracht of tijdelijke overeenkomsten?
Stel nu dat
leerkrachten toch meer dan 35uur per week zouden werken (wat quasi nergens in
de privé een voltijds uurrooster zou zijn), dan nog zou men een soort smoothing
techniek moeten hanteren om het verlof dat men in het onderwijs meer heeft in
te calculeren. Ik tel; 1 week herfstvakantie, 2 weken kerstvakantie, 1 week
krokus en 2 maanden zomervakantie. Ik kom toch al gauw aan een 60-tal dagen
verlof. Daar komen ze in de bank niet eens aan en zoals je weet worden ze daar
per duizend de deur gewezen.
De klassieke
repliek van een leerkracht waarmee op een sociale bijeenkomst de draak wordt
gestoken over verlof, is dat men in de privé dan wel veel beter zijn boterham
verdient, wat wellicht zo is. Maar ik zou weleens een studie willen zien waarin
de netto koopkracht per gewerkt uur van een leerkracht afgezet wordt tegenover
iemand van de privé. Een leerkracht met een Master en 10 jaar anciënniteit
verdient een slordige 3.724,07 EUR. Akkoord, een leerkracht heeft geen
maaltijdcheques, bonussen of bedrijfswagen maar een hongerloon kan dit toch bezwaarlijk
genoemd worden.
Tenslotte heeft
Vlaanderen 10,9 miljard (of 28,5%) van zijn begroting in 2015 aan onderwijs en
vorming gealloceerd. In een land waar de druk op de begroting groot is, is mijn
vraag aan de leerkrachten; mag het iets meer zijn?

Geen opmerkingen :
Een reactie posten